Applicaties aanmaken en koppelen

Applicaties aanmaken

Binnen de Sensus BPM Designer kunt u applicaties die binnen uw organisatie gebruikt worden benoemen en beheren door middel van de Applicaties tab. Deze bevindt zich links in de treeview weergave. Door op de tab Applicaties te klikken wordt deze uitgeklapt en getoond.

Het toevoegen van Applicaties werkt hetzelfde als Documenten. Om Applicaties te benoemen gaat u als volgt te werk:

  1. Allereerst dient er een Applicatiegroep aangemaakt te worden. Klik en sleep, wanneer u de Applicatietab heeft geopend, met uw linker muisknop een Applicatiegroep icoon  vanuit de iconenbalk naar het tekenveld.
  2. De Applicatiegroep is nu toegevoegd. Om de naam te wijzigen klikt u op de Applicatiegroep in het tekenveld en typt u een nieuwe naam.
  3. Om een subgroep onder deze Applicatiegroep toe te voegen klikt en sleept u met uw linker muisknop een Applicatiegroep icoon op de Applicatiegroep waaronder deze moet worden toegevoegd.
  4. Om onder een groep een Applicatie toe te voegen, klikt en sleept u een Applicatie icoon  vanuit de iconenbalk op de Applicatiegroep waaronder deze dient te worden toegevoegd.
  5. U kunt het Applicatie icoon aan een applicatie koppelen door deze te selecteren en rechts in de icoon kenmerken het pad in te voeren van waaruit de applicatie wordt geopend.

LET OP: De Sensus BPM Designer is een web-based applicatie. Dit betekent dat verwijzingen naar lokale snelkoppelingen voor applicaties niet werken. Gebruik daarom altijd een pad dat ook in een web-omgeving kan worden opgeroepen.

 

Applicaties koppelen aan iconen

Standaard kunnen Applicaties aan Computeracties worden gekoppeld. Dit doet u als volgt:

  1. Open in uw project de Processen tab en open een procesflow.
  2. Selecteer met uw linker muisknop een Computeractie waaraan u een Applicatie wilt koppelen.
  3. In het selectiekader van de Computeractie bevindt zich een mini-icoon om een Applicatie te koppelen. Klik hier op om het pop-up menu voor Applicaties te openen.
  4. Selecteer één of meerdere Applicaties door het hokje vóór de Applicatie aan te vinken. De Applicatie is nu aan de Computeractie gekoppeld. Dit betekent dat u bijvoorbeeld in de Publisher de Applicatie kunt openen door de Computeractie aan te klikken en de link naar de Applicatie aan te klikken.

U kunt Applicaties ook aan iconen koppelen met behulp van Datavelden. Hoe dit werkt leest u in Datavelden toevoegen van de Online Helpfile.

LET OP: Iconen die relevant zijn voor Applicaties kunnen worden getoond in een zogenaamd Applicatierapport. De iconen verschijnen uiteraard alleen in een Applicatierapport als de Applicatie ook aan het icoon is gekoppeld.

Gerelateerde artikelen